Het kunstwerk beeld de horizon van Drenthe uit in de vorm van 4 vensters. "Vier" symboliseert de vier jaargetijden en de vier windrichtingen.

 De vensters zijn onderling met elkaar verbonden middels een horizontale zuil. Ze suggereren daarmee een passe-partout voor de horizon, wat gesymboliseerd wordt door de horizontale zuil. Deze zuil is aan beide uiteinden voorzien van een sluitsteen. Dit karakteriseert Drenthe, want ook de hunebedden werden afgesloten met sluitstenen.

Voor de combinatie van steen en staal heeft hij bewust gekozen om de relatie tussen heden en verleden aan te geven.